HoestoBlame Chapter Six

Fairport Convention – Unhalfbricking (1969)
Ontwerp: Diogenic Attempts Ltd & Eric Hayes

Tien weken, tien hoezen

Dezelfde studio die de hoes van Nick Drake ontwierp (zie HoestoBlame Chapter Four). Niet zo vreemd, want Fairport Convention en Drake bewogen zich in dezelfde subcultuur, speelden in dezelfde zalen, woonden in elkaars buurt en hadden soms dus ook dezelfde ontwerper.
Is deze hoes mooi? Daar valt genoeg op af te dingen maar mij heeft hij altijd geïntrigeerd. De hoes geeft niet alleen een tijdbeeld van de Engelse countryside maar het symboliseert voor mij ook de generatiekloof die van alle tijden is. De ouders buiten de poort gezet, de jeugd binnen de poort de tuin van de ouders in bezit nemend en daarmee aangevend dat de jeugd dezelfde weg zal gaan als de ouders. ‘History Repeats Itself’.
En zoals de band zelf schrijft op de prima vormgegeven remasters van de band: “Noem het toeval, noem het het lot, maar de manier waarop de hoofden miraculeus worden afgekaderd door de gaten in het hek wijst tegelijkertijd op een gezegende eenheid in de band”. De cover van ‘Unhalfbricking’ is voor mij een ijkpunt in de hoeshistorie. JoJo

Wat een week ... CD

Cathedral - Stained Glass Stories (1978)

De verstokte Yes-liefhebber ...


... kan zijn hart ophalen met dit enige album dat het New Yorkse Cathedral ooit uitbracht (bij andere werken van Cathedral gaat het om andere bands met dezelfde naam, er schijnen er drie te zijn). De Amerikanen beheersten de Yes-stijl in perfectie: gitaar en bas klinken als door Howe en Squire gespeeld; de composities kennen de bekende tempowisselingen en melodische wendingen en de mellotron is zéér aanwezig. Op 'Gong' is een opmerkelijk tussenstuk te horen: een orgelpartij, zoals Tony Banks dat kon op 'Supper's Ready', geflankeerd door Yes-achtige snaarinstrumenten. Een mooie synthese van de giganten der symfonische rock. Conclusie: niet origineel, maar voor de liefhebber alleszins de moeite waard.

Peter Swart (wat een week 08)

Wat een week … CD

Nemo – Si Partie 2: L’homme Idéal (2007)

Passie …


… is het sleutelwoord in de muziek van deze Franse progband. De emotie druipt af van ieder akkoord en ieder woord. Daar zijn zanger Louveton en toetsenist Fontaine verantwoordelijk voor. Die emotie dompelen zij in een veelheid aan stijlen maar per saldo is het progrock met veel invloed van Genesis en Ange. Zo af en toe lijkt het wat rommelig te worden, hetgeen in mijn oren te wijten valt aan de Franse tongval en dictie. Die taal bekt niet altijd in combinatie met complexere muziek. Maar in de meeste tracks past alles goed in elkaar met als hoogtepunten ‘Même Peau, Même Destin’ en ‘Reflets’, die beide rond de tien minuten klokken. Binnenkort ga ik zeker op zoek naar ’Si Partie 1’. JoJo (wat een week 08)

Blackfield – Blackfield II (2007)

Label: Snapper Music
Bandsite:
www.blackfield.org
Duur: 41:11
Reviewer: JoJo
Waardering:
(uit max. 5 JoJo’s)

Even terug in de tijd. Bij het verschijnen van de eersteling van het duo Steven Wilson (Porcupine Tree, No-Man, Bass Communion) en Aviv Geffen schreef ik (zie
dBaseProgreviews AFTERglow): “Die toegankelijkheid heeft ook een schaduwzijde. De meeste nummers vind ik enigszins gemakzuchtig. De melodielijnen zijn te voorspellen, zelfs al bij eerste beluistering, ze komen me soms wel erg bekend voor en vormen derhalve een staalkaart uit de Porcupine Tree catalogus. En het veelvuldig en meerstemmig meezingen met de melodie die door de instrumenten reeds wordt gespeeld, is doorgaans een indicatie van commercialiteit”. Deze kritiek is geenszins van toepassing op het tweede album, heel origineel ‘II’ genoemd. Ook op 'II' is sprake van toegankelijkheid en herkenbaarheid maar de composities gaan een spade dieper, kennen meerdere lagen en zijn uiterst vernuftig in elkaar gezet.
Een ander kritiekpunt op het debuut was dat Aviv Geffen in mijn ogen en oren onzichtbaar was. Er was weinig tot niets te merken van zijn invloed en het bleef onduidelijk wat zijn toegevoegde waarde was op wat Wilson zelf al in de goedgevulde mars had. Ondanks het feit dat een aantal tracks letterlijk en figuurlijk een vertaling vormde van reeds bestaande Hebreeuwse composities van Geffen. Op ‘II’ is zijn invloed beduidend helderder. Geffen schreef de uitgebreide orkestrale arrangementen die prominent aanwezig zijn en zet daarmee zijn signatuur op bijna ieder nummer. Bovendien hoor ik invloeden die er voorheen minder waren zoals referenties aan The Beatles en opvallend zijn de gezichts- en gehoorbepalende intro’s en thema’s op piano. Aangezien Geffen met name de toetsenpartijen schrijft ga ik ervan uit dat hier sprake is van zijn handtekening. En niet in de laatste plaats is dit album deze keer in Israël in gezamenlijkheid geschreven tijdens, zoals zij zelf melden, ‘a short burst of activity’ die slechts zes weken duurde.
Wat een heerlijk album is dit geworden met melancholische progpop, verpakt in een loepzuivere productie. Een album dat zich al dagen achtereen zowel in huis als in de auto laat gelden. ‘Melancholisch’ door de vele akkoorden in mineur, de slepende ritmes en de teksten. Gaat u er even voor zitten ... of misschien bij liggen … want wat te denken van “We’re an accident called human beings” of “You were falling like the leaves from an old and dying tree” en ten slotte “1000 people yell. They’re shouting my name. But I wanna die in this moment. I wanna die”. Zwaarmoedigheid schijnt één van de hoofdzonden te zijn. Dat heb ik nooit begrepen want melancholie kan heerlijk zijn en past zo goed bij een jaargetijde dat door het vallen van het blad en door kilte en koude velen in depressie achterlaat. Mij niet. Ik sta opgewekt versteld van het elan dat Wilson hier etaleert. In bijvoorbeeld het prachtige ‘Miss U’, het intrigerende ‘Christenings’, het pompende ‘Epidemic’ en de imposante afsluiter ‘End of the World’, allen verpakt in mooie primaire en onderhuidse melodielijnen, ondersteunende arrangementen en op hoog niveau gespeeld. Zoals dat eveneens geldt voor de zes andere tracks.
‘Fear of a Blank Planet’, het nieuwe album van Porcupine Tree, zal in april 2007 verschijnen en bevat onder andere de maar liefst zeventien minuten durende track ‘Anesthetize’. Als Steven Wilson binnen het Porcupine Tree idioom weer net zoveel elan weet uit te stralen als op ‘Blackfield II’ dan gaat het met die nieuwe release helemaal goed komen. Tot dan wentel ik mij glimlachend in zwaarmoedigheid.
JoJo (02-2007)

Bezetting:
Steven Wilson - vocals, guitars, additional keyboards
Aviv Geffen - vocals, keyboards, additional guitars
Daniel Salomon - piano
Seffy Efrati - bass guitar
Tomer Z - drums, percussion

Discografie:
Blackfield (2004)
Blackfield II (2006)

Wat een week ... CD

Sylvan - Posthumous Silence (2006)

Je wordt niet vrolijk ...


... van dit meesterwerk van de Duitse band Sylvan. Op de indringende track 'Pane of Truth' hoor je twee ouders hevig ruziemaken en wordt even later de huilende dochter begeleid door de weemoedige klank van een cello. Het loopt slecht af met het meisje. De vader vindt later haar dagboek, begint er in te lezen en leert aldoende zijn dochter beter begrijpen.
Als vader van opgroeiende kinderen vind ik het bijna onethisch om met zo'n thema aan de haal te gaan maar Sylvan heeft er zulke mooie composities bij gemaakt, dat ik hen dat graag vergeef. De muziek is gevarieerd: van ingetogen thema's met gebruik van akoestische instrumenten (piano, cello) tot stevige en ritmisch sterke symfostukken.
Het betreft hier een conceptalbum bij uitstek, zowel qua verhaal als qua muziek: zo wordt het hoofdmotief in het begin fragiel gespeeld op piano om tijdens de finale uit zijn voegen te barsten, terwijl er tussendoor nog op gevarieerd wordt. Een album waar je niet snel mee klaar bent. Het zou beter passen in een rubriek 'maand-cd'. Aardig detail: op de website van de band
(www.sylvan.de) zijn de lyrics samengevoegd met een storyline, waarin het verhaal verduidelijkt wordt. Peter Swart (wat een week 07)

Wat een week … CD

The Flower Kings – Stardust We Are (1997)

Toen was er nog verwondering …


… bij het beluisteren, alweer bijna tien jaar terug, van deze uitstekende dubbelaar van The Flower Kings. Daarna gingen Roine Stolt en Tomas Bodin zichzelf plagiëren en was ieder album ‘erg veel’. Bovendien werkte het monotone geneuzel en het vlakke declameren, de 'zang' van Stolt dus, mij danig op de zenuwen. Het prima ‘The Paradox Hotel ’- waarop hij gelukkig veel zang overliet aan Hasse Fröberg - deed mij weer teruggrijpen naar ‘Stardust We Are’ waarop de titeltrack, ‘Circus Brimstone’ en ‘The Merrygoround’ boven het maaiveld uitsteken. Het maaiveld zelf mag er overigens ook zijn. Mijn relatie met The Flower Kings: een haat-liefde-verhouding zal ik het maar noemen. JoJo (wat een week 07)

HoestoBlame Chapter Five

Devin Townsend – Terria (2003)

Ontwerp: Travis Smith at Seempieces

Tien weken, tien hoezen


Zelfs voor een fan van Devin Townsend als ik is het beluisteren van ’s mans muziek niet eenvoudig. Het kost inspanning en vasthoudendheid. Maar het is het meer dan waard: een weldadige hersenspoeling valt u aan het einde ten deel. De hoes van ‘Terria’, zowel de buitenkant als het boekje, is een hoogtepunt in het hoezenland van de laatste jaren. De gekte van de muziek wordt verbeeld: een andere wereld, een roes, een droom, een elektroshock, een vreemde reis, een tijdmachine. Zeg het maar, zoiets zal het zijn.

Ontwerper Travis Smith beheerst de hedendaagse technieken en computermogelijkheden, gelukkig zonder tot een op kilometers afstand als digitaal brouwsel herkenbaar beeld te komen. Het is zo’n hoes die blijft verbazen en waar tot in lengte van dagen nieuwe dingen in zullen worden ontdekt. Zo’n rijke hoes groeit met je mee. Naarmate je ouder wordt, je verleden groter, je toekomst kleiner en je koffer met persoonlijke bagage voller, zal de hoes daardoor nieuwe associaties losmaken. JoJo

Wat een week ... CD

Jon Anderson - Olias of Sunhillow (1976)

Gelukkig heb ik de elpee nog ...


... want bij de cd-persing is het verhaal van Olias absoluut onleesbaar. Er is zelfs een persing waarbij het boekje slechts een gedeelte van de originele hoes bevat.
Olias, Ranyart en Qoquaq dalen neer op Sunhillow, zij laten er de vier stammen tot zich komen, bouwen een ruimteschip en verlaten de planeet voor deze explodeert. De leiders loodsen de bevolking naar een veiliger wereld. Het verhaal is prachtig geïllustreerd door Dave Roe en op intrigerende wijze muzikaal vormgegeven door Jon Anderson. Het werk is een voorloper van new-age muziek genoemd. En niet voor niets: brede klanktapijten, melancholiek 'harpgetokkel', sterke percussiemomenten (de vier stammen bezitten elk hun eigen ritmepatroon) en daarboven de ijle zang van Jon. Nog altijd een hoogtepunt in Anderson's rijke carrière.
Peter Swart (wat een week 06)

Wat een week … CD

Threshold – Wireless/Acoustic Sessions (2003)

Een favoriet van mij…


… dit ‘direct-to-fan’ album van Threshold. Een prachtig sfeervol werkstuk waar de heren een dimensie toevoegden aan de composities door hun progmetal te ‘vertalen’ naar een akoestische zetting. De tracks werden er soms beter, nooit slechter maar altijd anders van. Briljant gespeeld en ik word nog steeds euforisch van die krachtige stem van Mac. Ik kijk reikhalzend uit naar hun nieuwste prestatie ‘Dead Reckoning’, het album dat 23 maart as.zal verschijnen. JoJo (wat een week 06)

HoestoBlame Chapter Four

Nick Drake – Five Leaves Left (1970)
Ontwerp: Diogenic Attempts Ltd & Keith Morris

Tien weken, tien hoezen


Hoewel Drake mijn Scotch-tapes in de jaren '70 reeds sierde ben ik een jaar of vijf terug opnieuw in hem geïnteresseerd geraakt doordat Porcupine Tree’s Steven Wilson hem als referentie noemde. Ik kocht de box ‘Fruit Tree’ met alle originele LP’s erin - een 'collector's item' - en kocht ook alle beschikbare CD’s.
Bovendien
verdiepte ik mij in zijn leven o.a. door het prima boek ‘Nick Drake, The Biography’ van Patrick Murphies. Hoe eenzaam de man was, bijna autistisch, hoe hij zich afsloot van de scene maar later ook van zijn directe omgeving. Hij vertrok ’s avonds naar zijn zolderkamer in het ouderlijk huis en kwam nooit meer beneden. Zijn moeder vond hem dood op bed. Het is de zolderkamer die de hoes van ‘Five Leaves Left’ enige malen laat zien.

En waar kijkt Nick door het raam naar? Naar zijn zus, actrice Gabrielle Drake, met wie hij goed kon opschieten en die wellicht door de tuin liep? Of was het toch geposeerd? En dan die rennende typische Engelsman op de achterklap van de hoes, ook al geen acht slaand op Drake die tegen een muur hangt. Ik kan er uren naar kijken.
Drake ging, naast persoonlijkheidsstoornissen, gebukt onder het uitblijven van succes. Met terugwerkende kracht voel ik mij daar mede schuldig aan. Verzuimde ik immers ook niet om vijfendertig jaar terug zijn albums te kopen? Ik beperkte mij tenslotte tot 'downloaden avant la lettre' en nam zijn albums 'illegaal' op via mijn Akai X-165D bandrecorder. Dat zal niet hebben bijgedragen aan zijn succes. De hoes had ik dientengevolge niet in bezit en 'kende' ik slechts van het voorbijkomen in de platenbak. Sorry Nick en bij deze een wat laat eerbetoon aan een fenomenaal album en dito hoes. JoJo

Wat een week ... CD

Kayak - Kayak II (1974)

Als een kind zo blij ...


... was ik toen Kayak in 2000 werd heropgericht. Net zo teleurgesteld was ik echter toen bij het optreden in Nighttown zanger Max Werner vervangen bleek door Bert Heerink. En gitarist Johan Slager deed ook al niet mee! Kayak speelde die avond enthousiast en sterk, zodat ik mijn geld niet terug durfde te vragen.
Maar toch luister ik liever naar het oude werk en dan vooral naar het tweede album. Wellicht het meest symfonische uit het oeuvre, met die heerlijk lange nummers als 'They Get to Know Me' en 'Trust in the Machine'. Opmerkelijk genoeg zijn dit composities van drummer Pim Koopman en de latere staatssecretaris Cees van Leeuwen en niet van grote man Ton Scherpenzeel. Net als Earth & Fire wist Kayak album- en singlewerk knap te combineren. Van Kayak II werd 'Wintertime' een hit, ook al van de hand van Koopman en Van Leeuwen.
Peter Swart (wat een week 05)

Wat een week … CD

Peter Hammill – Singularity (2006)

Hoe is het mogelijk …


… dat je na tientallen albums en bijna veertig jaar muziekhistorie nog zulke indringende en levendige composities kunt schrijven? Het antwoord is “Onbegrensd talent” en dat is wat Peter Hammill bezit. Wat hij laat horen op zijn nieuwste album ‘Singularity’ is topkwaliteit van start tot finish. De teksten zijn doordrenkt van zijn gezondheidsproblemen van twee jaar terug en van kwesties van leven en dood. Somberheid? Zeker. Maar hoe krachtig en prachtig vormgegeven - ditmaal relatief toegankelijk - met inbegrip van alle extremen: verrassende soundscapes, scheurende gitaren, minimalistische geluidjes, dreunende drums, angstschreeuwen en romantische woorden. En dat allemaal in absolute eenzaamheid gemaakt, zoals altijd in zijn ‘Terra Incognita’ in Wilts. JoJo (wat een week 05)

REVIEWS under K

KNIGHT AREA - The Sun Also Rises (2004)
- Book of the Dead (2004)