Wat een week ... CD
THE WHO - Who's Next (1971/2004)
Guy Pratt ...
... o.a. bekend als stand-in bassist van Floyd en vaste maat van David Gil- mour, zegt in zijn hilarische en geweldige boek 'My Bass and Other Ani- mals' (2007) volledig van de wereld te zijn geweest toen hij 'Who's Next' van The Who voor het eerst hoorde.
Over opener 'Baba O'Riley' schrijft Pratt "It is extraordinary ... Pete Towns- end playing that riff. It was hardly the biggest, most distorted or in any way macho or deliberately impressive bit of guitar playing I've ever heard". 'We Won't Get Fooled Again' looft hij met de woorden "That a song can be so angry and vicious, but at the same time utterly joyful, seems to me the very definition of perfection in art". En zo is het.
Aangezien ik dat enerverende boek aan het lezen ben, zette ik na deze passages 'Who's Next' op. Mijn zoontje van twaalf deed er nog een schepje bovenop door zijn verbazing te uiten over het feit dat dit muziek is uit be- gin jaren '70. Dat geloofde hij niet tot hij de ikonische hoes las.
Tijdloze, briljante rock met een progressieve inslag, dat is wat The Who maakte. En niet alleen op dit album. Hun gehele discografie is om van te smullen en dat doe ik dan ook nog steeds met enige regelmaat. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 22)
Wat een week ... CD
COPERNICUS - Nothing Exists (1984/2010)
Een tussenweg is er niet ...
... je vindt de muziek van Copernicus geweldig of je krijgt er uitslag van. Ik behoor tot de eerste categorie, zoals mijn lovende woorden over het vorig jaar verschenen 'Disappearance' aantoonden.
Copernicus is een typische 'performance poet', te vergelijken met de Ne- derlandse Johnny the Selfkicker en Simon Vinkenoog, beiden inmiddels overleden. Toen hij eind jaren '70 de muzikanten Pierce Turner en Larry Kirwan ontmoette, formeerden zij een band en werden zijn gedichten op zwaar psychedelische en aan de free-jazz verwante muziek gezet. 'Nothing Exists' is een mijlpaal op 's mans palmares en is nu terecht opnieuw en vol- ledig remastered uitgegeven door Leonardo Pavkovic van Moonjune Re- cords. Gehuld in een mooie en goed verzorgde digi-pack.
Copernicus schreeuwt het ook hier weer uit en laat niet na zijn filosofie dat "het leven helemaal niet bestaat" in iedere track uit te venten en dat kan best vermoeiend zijn voor de luisteraar. De muziek is complex, sprin- gerig, deels geïmproviseerd maar biedt een prima structuur aan de dichter- lijke uitspattingen. Ik luister er niet vaak naar, een bijpassende stemming is gewenst, maar als het opstaat geniet ik er van en vooral van de elf minu- ten 'Let Me Rest' (....) en 'Atomic Nevermore'.
Goed dat Moonjune Records zich ontfermt over de catalogus van de eigenzinnige Copernicus. Er zullen immers niet veel muzieklabels zijn die dit, gezien de ontoegankelijkheid van het gebodene, aandurven. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 21)
Wat een week ... CD
EPHEMERAL SUN - Harvest Aorta (2009)
Een ingrijpende 'switch' van doom metal ...
... naar prog- en jazzrock met een avant-gardistische saus, heeft de band Ephemeral Sun uit Virginia gemaakt met hun tweede album 'Harvest Aorta'. Ook de vocalen heeft men in het donkere gebied achtergelaten want er is sprake van een geheel instrumentaal album.
Het viertal heeft ook gekozen voor het zoveel mogelijk achterwege laten van produktionele foefjes en het album live op te nemen in de studio. En dat is te horen want het geheel heeft een fris karakter, is energiek zoals een live-optreden en heeft toch de geluidszuiverheid van de studio.
'Harvest Aorta' bestaat uit vier stukken, de eerste drie relatief kort, maar het titelnummer klokt maar liefst veertig minuten. 'Prism' is een zeer symfo- nisch stuk, terwijl in opener 'Springsong' de agressiviteit van de oorspronke- lijke metalbron van de band af en toe doorklinkt. 'Memoirs' daarentegen beweegt zich meer in de relatieve ambientsferen.
Het titelnummer is een belevenis van begin tot eind al lijkt het in aanvang wat fragmentarisch door de soms abrupte overgangen van symfo naar metal naar ambient naar jazz-rock en weer terug. Herhaalde beluistering ontvouwt echter een vernuftige structuur die de progrock zo eigen is. De prachtige toetspartijen doen de rest.
Ephemeral Sun is een 'nieuwe' loot aan de progboom. Alweer een nieuwe loot zou ik zeggen want dit muzieksegment kent het laatste decennium een opleving van jewelste en heeft zelfs weer de aandacht van de gerenom- meerde muziekbladen die deze muziek zo lang in de ban deden. Terecht, want verbannen is een schoffering van de grote groep luisteraars. Ook te- recht omdat anders deze interessante band te weinig aandacht zou krij- gen. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 20)
Beppe Crovella - What's Rattlin' on the Moon? (2010)
Label: Moonjune Records
Bandsite: www.beppecrovella.com
Duur: 77:21
Reviewer: Harry 'JoJo' de Vries
Waardering: (uit max. 5 JoJo's)
Beppe Crovella is toetsenist bij Arti e Mestieri, een Italiaanse band die de- zelfde naam draagt als een modern meubeldesignmerk maar zeker geen vooruitstrevende muziek maakt. En dat geldt ook voor Beppe Crovella die op dit album composities die de onvolprezen Mike Ratledge in zijn Soft Machine periode maakte, vertaald heeft naar een zetting voor alleen toet- sen. Crovella vulde dat aan met eigen composities die zeer zijn beïnvloed door Soft Machine.
De muziek op 'What's Rattlin' on the Moon?' zal slechts een klein publiek aanspreken, zoals vaker bij releases van Moonjune Records, en zelfs de echte Soft Machine adepten zullen moeten doorbijten. Je kunt je bovendien afvragen of er toegevoegde waarde zit in het op deze manier 'coveren'. Het origineel blijft immers ongeëvenaard - per definitie maar ik ben dan ook een coverhater - maar in dit geval zeker want er moet zelfs heel wat moeite wor- den gedaan om het origineel in Crovella's uitwerkingen te ontdekken. En kan dat nu de bedoeling zijn? Is er op deze manier zelfs geen sprake van aantasting van de artistieke autonomie van de oorspronkelijke componist? Als ik Ratledge was zou ik zo'n verbastering van mijn origineel verbieden, al zou hij natuurlijk ook trots kunnen zijn dat een hedendaagse muzikant de moeite neemt in die prachtige oude doos te duiken. Welnu, deze vragen stellen is ze beantwoorden: voor mij hoeft dit niet.
Heb ik mij dan volledig afgewend van deze release? Dat nou ook weer niet. Al is het alleen maar vanwege het toetsenarsenaal dat Crovella ge- bruikt en dat gelukkig grotendeels de analoge instrumenten bevat waar Rat- ledge ook op speelde. Daarnaast kan Crovella wel spelen, hij weet tech- nisch waar hij mee bezig is. Maar mijn aandacht kan hij maar niet gevan- gen houden, hoeveel moeite ik er ook voor doe. Zijn eigen composities spreken mij nog het meest aan omdat ik daarbij niet steeds afgeleid wordt door de bijna retorische vraag "wanneer ga ik nu iets van Ratledge herken- nen?" Zijn ode aan de helaas overleden Soft Machine-giganten Dean en Hopper 'Moon Geezer' raakt mij zelfs het meest, meer dan de Ratledge- vertalingen.
Het mooie van Moonjune Records is dat zij een podium biedt voor een af- wijkend geluid. Alleen daarom verdient dit label een groot compliment. Maar dat wil niet zeggen dat ik bij iedere release sta te juichen. Deed ik dat nog wel bij 'Never Pet a Burning Dog' van dOUBT (ook al Moonjune), bij 'What's Rattlin' on the Moon' is dat nog steeds niet gebeurd. Harry 'JoJo' de Vries (05-2010)
Bezetting:
Beppe Crovella - mellotron, Wurlitzer E200 electric piano, Fender Rhodes Stage 73 electric piano; Hammond Organ M102, Hohner electric piano, Hohner Clavinet D6, Rösler Grand Piano, Farfisa Professional.
Discografie:
V.w.b. Vintage Keyboards:
Beppo Crovella (200?)
What's Rattlin' On The Moon? - A Personal Vision Of The Music Of Mike Ratledge (2010)
Wat een week ... CD
SUFJAN STEVENS - The BQE (2009)
Is het nu klassiek, symfo of 'minimal music' ...
... dat de Amerikaan Sufjan Stevens maakt? Een combinatie van de drie lijkt mij, zeker op 'The Brooklijn Queens Expressway', een ode of liever ge- zegd een klaagzang over deze foeilelijke, door viaducten en files gedo- mineerde weg die New York al sinds de jaren '30 doorkruist en de meeste inwoners van 'The Big Apple' een doorn in het oog is.
Multi-instrumentalist Sufjan Stevens maakt prachtige, in dit geval door orkest gespeelde, composities die de opbouw van een traditioneel klas- siek stuk kennen, veel aan symfo refererende arrangementen bevatten en bovenal herhaling als kenmerk hebben en daarmee de 'minimal music' van Steve Reich, Terry Riley en vooral Philip Glass benaderen. 'The BQE' is dan ook een indrukwekkend album geworden dat mijn laser de laatste weken nauwelijks verlaat. Vooral 'Movement 3: Lineair Tableau with Inter- secting Surprise' en 'Movement 4: Traffic Shock' zijn mijn favorieten op een album dat geen zwakke plekken kent.
Schijf 2 bestaat uit een door Stevens gemaakte film over deze snelweg, waarvan het album de soundtrack vormt, en die net als de muziek bestaat uit herhaling en een beeld dat steeds is opgebouwd uit drie fragmenten. Een vervreemdend, surrealistisch geheel, zeker met de muziek als onder- steuning.
Ten slotte moeten de prachtige maar absurdistische hoezen van Stevens vermeld worden. Die zijn namelijk ook progressief. Mooi is ook het aparte toverlantaarnschijfje dat is bijgevoegd. Ik ga deze week op zoek naar zijn meesterwerk 'Illinois' want 'The BQE' smaakt naar veel meer. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 20)
MGMT – Congratulations (2010)
Label: Columbia
Bandsite: www.whoismgmt.com
Duur: 43:43
Reviewer: Henk Vermeulen
Waardering: (max. score)
Na het geniale debuutalbum ‘Oracular Spectacular’ van het New Yorkse multi-instrumentalisten-duo Ben Goldwasser en Andrew VanWyngarden alias MGMT (voorheen The Management), keken de fans vol verwachting uit naar het doorgaans ‘moeilijke’ tweede album. Immers, bij een succesvol debuut moet je altijd maar afwachten of een band in staat is een kwalitatief passend vervolg te bieden. Hetzelfde gold voor generatie- en stadgenoot Yeasayer die onlangs het bewijs leverde hiertoe in staat te zijn en boven- dien niet voor commerciële zekerheid koos maar een totaal andere muzi- kale richting insloeg.
‘Congratulations’ van MGMT is wederom van hoge, zo niet hogere kwali- teit. En net als Yeasayer grijpt ook MGMT terug op muzikale stromingen van decennia geleden. Yeasayers’ Odd Blood is een sterk vernieuwende ode aan de 70-er jaren disco. MGMT grijpt terug op de muziek van een decennium eerder namelijk de experimentele, psychedelisch georiënteerde muziek van de jaren ‘60. Zo is het mij onmogelijk om niet terug te denken aan (het Britse) Kaleidoscope, The Pretty Things, Syd Barrett en de vroege Pink Floyd, de vroege Soft Machine, Roky Erickson & The 13th Floor Ele- vators, The Electric Prunes, The Doors,The Beach Boys, Tomorrow, the Collectors, Love etc.
Lagen de meeste nummers op ‘Oracular Spectacular’ nog gemakkelijk in het gehoor, enkele waren zelfs single-waardig (‘Time to Pretend’), ‘Congra- tulations’ is een album dat ik vooral waardeer om de tweede laag van de songs. Hier is geen sprake van melodieën die meteen pakken, maar van songs die hun kracht vooral ontlenen aan drie kenmerken van de psychede-lische 60-er jaren muziek: de prachtige vocalen en de onheilspellende en tegelijkertijd sprookjesachtige geluidseffecten, waarbij voortdurend het Hammondorgel á la Ray Manzarek (The Doors) of Howard Reitzes (Iron Butterfly) zich op de achtergrond roert.
Toch is ‘Congratulations’ geen retro-album. Daarvoor klinken de gepro- duceerde samples te geavanceerd. Voorheen was de technologie er ge- woonweg niet om dit soort geluiden te produceren. En daar ligt de kracht van MGMT: met behulp van moderne technologie en instrumenten een sfeer creëren die te beschouwen is als een reïncarnatie van het geluid van hun inspiratoren.
Dit album bestaat uit negen songs die gemiddeld zo’n vier minuten in beslag nemen met een uitzondering voor ‘Siberian Breaks’, dat een dikke 12 minuten duurt, waar vooral het predikaat ‘Progressive Rock’ op van toepassing is en door de band ‘A Pop Surf Opera’ wordt genoemd. Een prachtige gevarieerde compositie met een ingetogen intro en verschillende delen die zeer van elkaar verschillen. De outro doet sterk denken aan ‘Out-Bloody-Rageous’ van Soft Machine.
Verder valt op dat drie titels verwijzen naar bekende muzikale persoonlijk- heden: ‘Song for Dan Treacy’, ‘Brian Eno’ en ‘Lady Dada’s Nightmare’. Overigens wordt niet altijd duidelijk wat de titels met de inhoud van de teksten te maken hebben. De zangkwaliteiten van met name Goldwasser compenseren de inhoudsvreemde teksten echter volledig. Al zou hij in het Opperlands zingen dan nog zou ik kippenvel krijgen bij zijn door achter- grondvocalen begeleide stem. Bovendien zorgen de zeer originele geluids- samples en - effecten ervoor dat elke melodie een sfeer creërt die benoemd kan worden als geheimzinnig, onheilspellend, sprookjesachtig en bovenal spannend.
De teksten zijn dit keer in een overigens prachtige mini LP-sleeve uitvoe- ring op een apart vel bijgevoegd. Het lezen ervan helpt overigens niet om vat te krijgen op de diepere betekenis van de meeste teksten. Daarvoor lijken de zieleroerselen van Goldwasser en VanWynGarden te bizar. Ook dat is een kenmerk van 60-er jaren psychedelica.
Hoewel de enige instrumental van dit album, ‘Lady Dada’s Nightmare’, enigszins als dissonant fungeert valt 'Congratulations' voor een die hard psychedelica liefhebber binnen de categorie ‘meesterwerken’. Henk Vermeulen (05-2010)
Bezetting:
Andrew VanWyngarden - vocals, guitar, synthesisers, bass, piano, drums, harmonica, electric sitar, percussion
Ben Goldwasser - synthesisers and samples, organ, piano, additional vocals, percussion
met:
James Richardson - guitar, synthesisers, casio guitar, synthesiser drums, glockenspiel, sax, pan pipes, additional vocals, percussion
Matt Asti - guitars, bass, piano, additional vocals, field recordings, treatments, percussion
Will Berman - drums, guitars, bass, additional vocals, percussions, synthesisers
Sonic Boom - master of ceremonies, modular synthesisers, harmonica and percussion,
treatments, first documented use of the EMT 250 reverb ‘glitch’, gakken-sx 150
Britta Philips - additional vocals
Jennifer Herrema - additional vocals
Gillian Rivers - strings
Dave Kadden - oboe and sundries
Discografie:
Climbing to New Lows (2005, als The Management)
We (don’t) Care (2005, EP als The Management)
Oracular Spectacular (2008)
Time to Pretend (2008, EP)
Metanoia (2008, EP)
Congratulations (2010)
Wat een week ... CD
NAO - Grappling Hooks (2009)
Een revelatie ...
... deze tweemansband uit Schotland met de opvallende naam North Atlantic Oscillation (NAO) en hun debuutalbum 'Grappling Hooks'. Zo maar uit het niets verschenen en hier op '1' binnengekomen.
NAO vermengt zowel progrock als symfo in hun geluid en ik heb al luiste- rend associaties met de eerste albums van Parallel Or 90 Degrees, World Party, in de hardere stukken wat snufjes OSI en de meerstemmige zang verwijst onvermijdelijk naar The Beach Boys maar daar bovenop toch voor- al een eigen sound en unieke composities. Die sound wordt gedomineerd door een rijk en vol geluidsspectrum - bombast zoals u wilt - de overal aan- wezige toetsen van Sam Healy en de als een gek drummende Ben Martin die zijn drums niet alleen als bindmiddel inzet maar speelt alsof hij perma- nent soleert en de politie hem al een tijdje op de hielen zit.
Iedere track is een belevenispakhuis want er gebeurt zo ontzettend veel. Wendingen, breaks, rare geluiden, melodielijnen die elkaar kruisen, noem maar op. Zoals in 'Hollywood Has Ended' waarna je even bij moet komen. Mijn reactie na eerste beluistering was "wat gebeurt hier allemaal?". En dat gevoel verdwijnt niet, de verrassing en de verwondering blijven zich tot aan het eind van het werkstuk voordoen.
NAO heeft een indrukwekkend debuut afgeleverd dat ontegenzeggelijk anders dan anders is terwijl het zich toch binnen het prog- en symfogebied afspeelt. Ook de complimenten voor de optisch 'vieze' en 'vuile' hoes met prachtig art-work. Het jaar is nog jong maar 'Grappling Hooks' is nu al een dikke kanshebber voor de eindlijst. Harry 'JoJo' de Vries (wat een week 19)